Archives januari 2024

Vermoeide Zeekoet

Wat te doen met een uitgeputte Zeekoet? Grijp je in of laat je het over aan de natuur?

Een schuivend paneel. Voorheen werd alles opgeraapt dat zielig was. Zwakke exemplaren werden opgelapt met als gevolg dat de populatie langzaam verzwakte. We hebben geleerd van het volspuiten van Zeehonden met antibiotica in de jaren 70.

Deze Zeekoet zat vermoeid op het strand van Goeree. Te uitgeput om weg te vliegen, te alert om hem op te nemen en naar Karel Schot te sturen. Laat de natuur zelf beslissen. Gezien de drukke wandelroute waar hij zich bevond hebben we het dier verplaatst naar een rustiger deel om daar op krachten te komen.

De dag erna hem niet meer gezien. Kan van alles betekenen: uitgerust weer zijn reis opgepakt tot beland in de maag van een vos of roofvogel.


Deze pup is later doodgebeten op het strand van Rockanje

Afgelopen week vonden twee Zeehondenwachters een doodgebeten pup van de grijze zeehond op het strand bij de Groene punt in Rockanje. Het dier is waarschijnlijk door een vrij grote hond aangevallen. 

De Zeehondenwachters vonden de pup dood op het strand, nadat ze de dag ervoor nog waarschuwingsborden hadden geplaatst om wandelaars vroegtijdig te waarschuwen.

De pup was eerder al gemeld en na inspectie bleek het te gaan om een kerngezond dier van 5 a 6 weken oud. Zie foto.

De zeehonden liggen in januari en februari vaak te rusten op het strand of tegen de duinrand.

De onfortuinlijke pup had forse bijtwonden in de nek en gezien de sporen betrof het waarschijnlijk een grote hond.

Aan de bloedsporen was te zien dat de zeehond nog getracht heeft de zee te bereiken…, helaas te laat.

De reden dat we dit nu publiceren is om de hondenbezitters nogmaals te vragen om juist in deze periode voorzichtig te zijn met het loslaten van je hond bij de Groene Punt (Bunkers)

Hoe mooi is het om te kunnen genieten van een rustende zeehond op ons strand.

Dit lukt alleen als we flink afstand houden en de honden natuurlijk aanlijnen!

Overigens blijft het verstoren van deze prachtige dieren strafbaar.


Moegestreden

Het is niet altijd leuk op het strand. Soms zijn er dode dieren te vinden. Grote kadavers moeten in voor het publiek toegankelijke gebieden worden geruimd, daar dragen wij ons steentje aan bij.

Op het strand gaat het veelal om aangespoelde kadavers van zeehonden, gestorven door een natuurlijke oorzaak dan wel ongeluk. In het merendeel is het een kwestie van neus dicht, handschoenen aan en aanpakken. Verslagje maken van de doodsoorzaak en dan weer over tot de orde van de dag. Maar soms grijpt het meer aan en blijft het in je hoofd hangen.

Op een verlaten deel van de Maasvlakte ontwaarden we van verre deze Gewone zeehond. Sereen liggend op het door het water gladgestreken zand. Vermoedelijk overleden, dood aangespoeld. Verrekijker erop en het lugubere beeld kwam op ons netvlies. Het beest was moegestreden en dood. Uitpuilende ogen en opgezwollen tong, tekenen van een verstikkingsdood.

Eenmaal dichtbij werd alles duidelijk. Sporen van een net in de hals en nek. Vrijwel zeker verstrikt geraakt in een visnet onderwater en daar gestikt. Het is tenslotte een zoogdier dat moet kunnen ademen, zonder kieuwen gaat dat niet onder water.

Bij het ophalen van het net vermoedelijk door de visser over boord gezet. Door de zee meegenomen om op het eb strand nog eenmaal indruk te kunnen maken. R.I.P.


Bijzondere Zwarte ruiters

De meeste wandelaars zullen er voorbij lopen, merken ze niet op. Gewoon een paar Tureluurs. Maar het is bijzonder. Te zien in deze winterperiode, in de Delta. Het gaat om Zwarte ruiters.

Slechts een heel beperkt aantal overwintert in Nederland. En dan vnl aan de zuidkant van het eiland Schouwen met als hotspot Flaauwers inlaag bij Kerkwerve.

Op het eerste gezicht denk je aan een Tureluur. Het winterkleed is grauwer, de poten en snavel zijn langer, de vogel iets groter. En hun manier van foerageren wijkt af: meer in groepen grondelend.

Maar dan in het voorjaar verandert hun kleed in vrijwel egaal zwart, voor korte tijd worden ook de rode poten zwart. April-mei vertrekken ze naar het hoge noorden om daar te nestelen en jongen groot te brengen. Eind juni keren de vrouwtjes al terug: na het leggen van de eieren laten ze de zorg voor de jongen over aan de mannetjes (om de vrouwtjes niet verder fysiek te belasten na het produceren van de eieren met het oog op de trek naar Afrika). De mannetjes en het kroost volgen later. Bij die stop in Nederland op weg naar Afrika van Finland en Rusland en vice versa kan je ze beperkt waarnemen, in hun bijna zwarte kleed.

Na september zijn ze alle uit Nederland verdwenen, behalve die paar op Schouwen dan.


Dat zit wel snor

De snorharen van de zeehond. Op zeer jonge leeftijd van het dier al goed ontwikkeld en duidelijk aanwezig.

Het moet ook wel. Net zoals bij de mens de voeten en handen volgroeid moeten zijn voordat de rest van het lichaam zover is, stevig staan en goed vasthouden is een voorwaarde om overeind te blijven, is voor een jonge zeehond een goed ontwikkelde snor een voorwaarde om te leren vissen.

Met de snorharen kunnen tot op grote afstand trillingen in het water worden waargenomen en dichterbij grootte en plaats van de visprooi worden ingeschat. Wil je overleven: laat je snor staan.


Scholekster in twee werelden

Onderhoud van het verenkleed is van vitaal belang voor vogels. Zonder strak geordende en schone veren worden jagen, vliegen, duiken en onderwater zwemmen belemmerd.

Aan het onderhoud van dit vitale onderdeel wordt dan ook veel tijd besteed.

Deze Scholekster was druk bezig met zijn wasbeurt waarbij stof en ongedierte door een waterbad uit de veren werden verwijderd.

Een moment waarop de het lijf en de kop in andere werelden leefden, een apart gezicht.


De Grijze zeehond: gewoon een wild dier

Niets meer en niets minder. Laat je niet misleiden door het schattige uiterlijk: het is geen knuffel . Laat jouw oordeel niet bepalen door zijn felle reactie, het is geen doorgefokte vechthond. Het is gewoon een wild dier, niet sympathiek, niet onsympathiek. Het enige wat hij doet is overleven met als doel zich voort te planten.

Voor het beschermen en het volgen van de jonge zeehondjes is het soms nodig om een signaleringskleurtje aan te brengen. Dit exemplaar van ca 5 weken oud viel dat lot ten deel. De pup, ge├»mponeerd door de grote “alien met spuitbus”, wist stevig van zich af te bijten.

Zeehondenwachter: een mooie job met veel stank voor dank. Ondankbare (zee)hond….


Zonsondergang

Niels Fledder is vaak op een van onze stranden te vinden met zijn hond en heeft al diverse malen een stranding gemeld.

Deze keer stuurde hij ons een prachtige foto van een bijna gestrande zon op op de horizon.

De bijgevoegde woorden weerspiegelen zijn gemoed:

“Maandagmiddag…., verlaten strand…, windkracht 3…., winterse buien en dan dit zien en het toch warm hebben”.

Dank voor het delen, Niels!


Kleine zilverreiger ontmaskerd

Na het geweld van al die Grijze zeehonden van afgelopen weken onze blik maar weer eens gericht op andere bewoners van de kustwateren.

Op een van de schaarse middagen waar de zon door het wolkendek wist te breken liep deze zilverreiger zijn maaltje bij elkaar te hosselen. Kleine of Grote zilverreiger is de vraag. Het best onderscheidende kenmerk tussen beide is de kleur van de tenen. Maar die plegen onder het wateroppervlak te zitten.

Een moment van argeloosheid en het bewijsmateriaal kwam boven water. De snelle camera had hier genoeg aan. Grote gele tenen: een Kleine dus.


Steenkoude voeten en een goed gevoel.

Foto’s en tekst van Ad Aleman

Een tijd geleden ga ik na een flinke storm naar het strand en zie daar een ondergestoven vis liggen.
Het is een hondshaai waar nog iets van leven in zit . Deze voor mensen ongevaarlijke haai, is de meest voorkomende haaiensoort aan onze kust.
Een hondshaai wordt meestal 60 cm lang, maar een enkeling kan wel 1 meter worden.

Na de paring
worden er 18 tot 20 eicapsules afgezet, die ze met lange buigzame draden vastzetten aan rotsen of
zeewieren. In deze capsules komen de jonge haaitjes tot ontwikkeling. Deze capsules spoelen soms
aan op het strand.

Nu ik de haai in mijn handen heb, merk ik pas hoe ruw de huid is.
Vlug de haai terug gezet in het water, maar zonder succes, want deze spoelt gelijk weer aan. Maar
we geven het niet zomaar op, dus ondanks dat ik een paar natte voeten zal krijgen, ga ik het ijskoude
water in en houdt de hondshaai net zolang in mijn handen totdat deze steeds krachtiger gaat
bewegen.

Nu gaat het vrijlaten goed en zwemt de haai naar dieper water. Het is een redding om
nooit te vergeten.
Als ik thuis kom duurt het nog wel een uurtje voor mijn voeten weer op een normale temperatuur
zijn.